De feiten
De feiten kwamen aan het licht nadat er bij de politie in juni 2025 informatie binnenkwam dat een gebruiker van de applicatie Teleguard diverse videobestanden had gedeeld met kinderpornografisch materiaal. Onderzoek naar het IP-adres leidde de politie naar de verdachte. Tijdens een doorzoeking van zijn woning zijn onder meer zijn gegevensdragers in beslag genomen. De politie concludeerde na onderzoek dat de verdachte beelden had gemaakt van meisjes op de basisschool waar hij sinds 2019 als conciërge werkzaam was. Uiteindelijk zijn zeventien meisjes geïdentificeerd. Van één meisje is de identiteit niet bekend geworden.
Beelden
Volgens de verdachte hebben de aanrakingen die op de beelden te zien zijn, plaatsgevonden in het kader van zijn werkzaamheden. Naar eigen zeggen hielp hij de meisjes onder andere met het verschonen na een plasongelukje of het plakken van een pleister. Hij zou daarbij niet verder zijn gegaan dan noodzakelijk was. Hij verklaarde dat hij weliswaar seksuele intenties had bij het filmen van de meisjes, maar dat de aanrakingen daar los van staan.
De rechtbank ziet dit anders. De rechtbank heeft de beelden bekeken en merkt op dat de wijze waarop zedenrechercheurs de beelden hebben beschreven, overeenstemt met wat de rechtbank heeft gezien. De verdachte heeft hen bewust opgezocht, aangestuurd, tijd gerekt en zodanig gepositioneerd dat hij beter bepaalde lichaamsdelen kon filmen. Binnen die context zocht hij naar gelegenheid om de meisjes op intieme plekken aan te raken. Op de inbeslaggenomen gegevensdragers bevinden zich chatgesprekken waarin de verdachte zeer expliciet met anderen praat over zijn handelingen met de meisjes. De verdachte is meermaals verzocht om het behulpzaam zijn bij het verschonen van de meisjes aan anderen over te laten, maar hij heeft deze verzoeken welbewust naast zich neergelegd. De rechtbank komt tot de conclusie dat de verdachte onmiskenbaar seksuele intenties had.
Oordeel rechtbank
De rechtbank oordeelt dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het heimelijk filmen en aan het vervaardigen, bezitten en verspreiden van kindermisbruikmateriaal/kinderporno van jonge meisjes op een basisschool. In zeven gevallen pleegde de verdachte ontuchtige en seksuele handelingen. Hiermee heeft hij hun lichamelijke en geestelijke integriteit ernstig geschonden. De verdachte ging planmatig en doelgericht te werk. Hij gaf de meisjes regelmatig snoepjes en knuffels en wist op die manier een vertrouwensband met hen op te bouwen.
De verdachte was al in behandeling voor zijn pedofiele stoornis, maar koos tegen het dringende advies van zijn behandelaar in toch voor een baan op een basisschool waar hij in contact zou komen met veel minderjarige kinderen. De verdachte verklaarde hierover dat hij geen andere keuze had omdat hij anders zijn uitkering zou verliezen, maar de rechtbank vindt dit niet geloofwaardig. Hij miskent zijn eigen verantwoordelijkheid voor de gang van zaken. Zijn handelen heeft diepe sporen nagelaten in de betrokken gezinnen. De ouders hebben tijdens de behandeling van de zaak toegelicht dat zij kampen met schuldgevoelens en onzekerheid over welke gevolgen dit zal hebben op de verdere ontwikkeling van hun kinderen.
De verdachte wordt ook veroordeeld voor het in bezit hebben van meerdere kindersekspoppen. Het bezitten van dergelijke attributen draagt bij aan het in stand houden van een markt voor voorwerpen die seksualisering van kinderen in de hand werkt. Tot slot heeft de verdachte een hoeveelheid GHB in bezit gehad.
Beslissing
Een psycholoog en psychiater hebben onderzoek gedaan naar de verdachte en concluderen dat hij lijdt aan een pedofiele stoornis. Volgens de psycholoog is langdurige zorg en toezicht noodzakelijk, maar is geen hoog beveiligingsniveau nodig. De kans op herhaling wordt ingeschat op matig. Beide deskundigen adviseren de verdachte tbs met voorwaarden op te leggen.
Alles afwegende vindt de rechtbank een celstraf van 7 jaar passend en geboden. De wet bepaalt dat als een gevangenisstraf hoger is dan 5 jaar, er geen tbs met voorwaarden kan worden opgelegd. Aangezien er geen andere mogelijkheid is om de noodzakelijke behandeling dwingend vorm te geven en de kans op herhaling te beperken, legt de rechtbank de verdachte daarom tbs met dwangverpleging op. Ook mag de verdachte voor de duur van tien jaar geen beroep uitoefenen waarbij hij in contact komt met minderjarigen. Ten slotte moet de verdachte aan de ouders van zes slachtoffers schadevergoedingen betalen van 2.000 euro.

23.0 ℃






































