DEN HAAG - De rechtbank Den Haag heeft een 33-jarige man uit Rijnsburg veroordeeld voor het plegen van seksuele handelingen met zijn toenmalige partner en haar zus terwijl zij in staat van verminderd bewustzijn verkeerden. Ook maakte hij beeldmateriaal van seksuele aard van de twee vrouwen en een derde slachtoffer terwijl zij hier geen toestemming voor hadden gegeven. De rechtbank legt hem een celstraf op van 36 maanden waarvan 12 maanden voorwaardelijk.
De feiten
De rechtbank oordeelt dat de verdachte zich in 2017 meermaals op verschillende momenten schuldig heeft gemaakt aan het plegen van seksuele handelingen, bestaande uit het seksueel binnendringen van de vagina van zijn toenmalige partner met zijn vinger, terwijl zij in staat van verminderd bewustzijn verkeerde. In 2019 pleegde hij seksuele handelingen met de zus van zijn partner toen zij in staat van verminderd bewustzijn was. Ook toen was er sprake van seksueel binnendringen. Daarnaast maakte de verdachte zich gedurende een langere periode schuldig aan het vervaardigen van afbeeldingen van seksuele aard van zijn toenmalige partner, haar zus en haar vriendin zonder dat daar toestemming voor was gegeven.
De verdachte heeft grotendeels bekend de feiten te hebben gepleegd.
Oordeel rechtbank
De rechtbank oordeelt dat de verdachte met zijn handelen zijn eigen behoeftes ten koste van de vrouwen heeft willen bevredigen. De gedragingen hebben plaatsgevonden bij slachtoffers die zich veilig en vertrouwd waanden in de nabijheid van de verdachte. De verdachte heeft zich echter niet bekommerd om hun welzijn. Hij heeft de lichamelijk integriteit van twee slachtoffers in ernstige mate aangetast en het recht op privacy van de drie slachtoffers geschonden. Het is algemeen bekend dat slachtoffers van ontuchtige handelingen vaak nog lang last hebben van de psychische gevolgen daarvan. In deze zaak hebben de slachtoffers dit ook bevestigd in hun verklaringen tijdens de zitting. Daarin spraken zij onder meer over de impact die het handelen van de verdachte heeft op hun leven, doordat zij zich onveilig voelen, niet meer bij anderen durven slapen en niet meer alleen willen zijn.
Uit onderzoek van de Reclassering blijkt dat bij de verdachte sprake was van verslavingsproblematiek. De kans op herhaling van een zedendelict wordt op matig tot laag ingeschat. Bij het bepalen van de straf weegt de rechtbank daarnaast mee dat de feiten een aantal jaar geleden hebben plaatsgevonden. Ook lijkt de verdachte zijn leven beter vorm te geven door op vrijwillige basis contact te hebben met het wijkteam en na vrijwillige behandeling is gestopt met het gebruiken van drugs.
Alles afwegende vindt de rechtbank vindt een celstraf van 36 maanden passend en geboden, waarvan twaalf maanden voorwaardelijk. Daarbij geldt een proeftijd van twee jaar. De verdachte moet aan zowel zijn voormalige partner als haar zus een schadevergoeding betalen van 7.500 euro. De vriendin van de zus krijgt een schadevergoeding van 2.200 euro.

18.7 ℃






































